Hight Availability: Overzicht RAC SRVCTL commando's
In dit artikel worden de meest essentiele srvctl-commando's beschreven. Met behulp van deze srvctl-commando's kunnen ondermeer resources zoals NodeApps, Listeners en Databases worden gestopt en gestart in een RAC omgeving. De volgende functionaliteiten komen aan bod:
Stoppen van NodeApps op een single node |
|
Starten van NodeApps op een single node |
|
Starten van de Oracle Instance op een single node |
|
Stoppen van een Oracle Database en bijbehorende gestarte Instances |
|
Starten van een Oracle Database en bijbehorende Instances op default nodes |
|
Stoppen van een Oracle Listener op een specifieke cluster node |
| Actie |
: |
Stoppen van NodeApps op een single node |
| Commando |
: |
srvctl stop nodeapps -n nodeA |
Beschrijving |
: |
Wanneer een NodeApps resource wordt gestopt, worden
de volgende componenten automatisch gestopt (maken deel uit van de NodeApps): De database-resource wordt niet gestopt wanneer de NodeApps gestopt wordt. |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
| Actie |
: |
Starten van NodeApps op een single node |
| Commando |
: |
srvctl start nodeapps -n nodeA |
Beschrijving |
: |
Wanneer de NodeApps op een Node wordt gestart, worden
automatisch de volgende componenten gestart: De database-resource wordt niet gestart wanneer de NodeApps gestart wordt. |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
| Actie |
: |
Starten van de Oracle Instance op een single node |
| Commando |
: |
srvctl start instance -d orcl -i orcl1 |
Beschrijving |
: |
Met behulp van dit commando wordt de Oracle Instance (orcl1) gestart . Met behulp van onderstaande parameters kan worden aangegeven welke Instance en Database gestart moet worden 1. –d=Database-name De Instance wordt op de default Node gestart. |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
| Actie |
: |
Stoppen van de Oracle Instance op een single node |
| Commando |
: |
srvctl stop instance -d orcl -i orcl1 |
Beschrijving |
: |
Met behulp van dit commando wordt de Oracle Instance (orcl1) gestopt . Met behulp van onderstaande parameters kan worden aangegeven welke Instance en Database gestopt moet worden 1. –d=Database-name |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
| Actie |
: |
Stoppen van een Oracle Database en bijbehorende gestarte Instances |
| Commando |
: |
srvctl stop database -d orcl |
Beschrijving |
: |
Dit commando stopt de door -d gespecificeerde Database en alle actieve Instances op de clusternodes |
Status |
: |
Name Type Target State Host |
| Actie |
: |
Starten van een Oracle Database en bijbehorende Instances op default nodes |
| Commando |
: |
srvctl start database -d orcl |
Beschrijving |
: |
Dit commando start de door -d gespecificeerde Database en alle actieve Instances op de clusternodes |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
| Actie |
: |
Stoppen van een Oracle Listener op een specifieke cluster node |
| Commando |
: |
srvctl stop listener -n nodeA |
Beschrijving |
: |
Dit commando stopt alle geregisteerde Listeners op de met -n gespecificeerde cluster node. De Oracle listener is ook onderdeel van de NodeApps en kan ook op deze manier worden gestopt en worden gestart. |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
| Actie |
: |
Starten van een Oracle Listener op een specifieke cluster node |
| Commando |
: |
srvctl start listener -n nodeA |
Beschrijving |
: |
Dit commando start alle geregisteerde Listeners op de met -n gespecificeerde cluster node. De Oracle listener is ook onderdeel van de NodeApps en kan ook op deze manier worden gestopt en worden gestart. |
Status |
: |
Name Type
Target State Host |
Auteur: Edwin Kessels (edwin.kessels@keed.nl) Copyright © 2007 Keed